Ontstaan Laakhaven

2-2-schilderij-j-ten-compe-c1750
De vroegste bedrijvigheid in het dorp Die Haghe bevond zich oorspronkelijk in het Spuikwartier. Met de aanleg in 1345 van de Trekvliet en het Spui kwam de verbinding van het dorp met het achterland, zowel naar Rotterdam als richting Leiden en Amsterdam tot stand. In de 16de eeuw volgde de aanleg van diverse grachten rondom het Spui waarmee een echte binnenhaven ontstond. In 19de eeuw ontwikkelde zich hier de eerste industrie met de ijzergieterijen Enthoven en de Prins van Oranje, maar ook meubelfabriek Horrix en later in die eeuw de melkfabriek van De Sierkan. Daarnaast ontstonden veel kleine ambachtelijke bedrijven waaruit later weer grotere industriële vestigingen voortkwamen.

2-2-verpachtingkraan-1748Eind 19de eeuw werd de kwaliteit van het binnenwater een bron van zorg. De grachten raakten steeds meer vervuild doordat ze als open riolering functioneerden en er nauwelijks doorstroming was. De gemeente besloot om de grachten te dempen. Voor de industrie en handel leverde dit uiteraard problemen op. Zij zouden hierdoor afgesneden worden van hun gangbare transportroutes. Na veel discussie besloot de gemeenteraad een kanaal om de stad aan te leggen met laad- en loskaden en ruimte voor fabrieken en pakhuizen. Er gingen jaren voorbij voordat er een definitief plan ontstond.

De in 1890 nieuw aangestelde directeur Gemeentewerken, I.A. Lindo, nam het initiatief om de eerste industriehaven van de stad en ook van Nederland te ontwerpen. Het plan omhelsde een specifiek terrein aan de rand van de toenmalige stad, tussen spoor en het riviertje de Laak. De basis was daarmee gelegd voor de Laakhaven. Rond 1900 startte het graven van de haven. Als eerste gebouw verrees bij de ingang van de haven het havenkantoor naar ontwerp van de gemeentearchitect A. Schadee. Tot eind jaren 20 werd er verder gewerkt aan de aanleg van de Laakhaven. De Petroleumhaven aan het eind van de Waldorpstraat was de laatste havenarm die werd gegraven.

1-1-ontwerp_laakhaven_1893